Olifanten redden in Zambia

Door Arjan Mulder, redacteur Reishonger.nl

 

In Afrika worden per jaar tussen 20.000 en 30.000 olifanten geschoten – door stropers en door boeren. Wat doen organisaties om de olifant te redden? Ze ondersteunen anti-poaching teams, ze helpen boeren om hun velden te beschermen en redden wees-olifantjes als stropers de moeder vermoorden. Maar hoe succesvol zijn dat soort projecten eigenlijk? Ik ging kijken in Zambia waar ze worden uitgevoerd.

 

In Zambia zijn enorme wildparken. Lower Zambezi, South Lungwa en Kafue (en de bijbehorende Game Management Area’s) zijn bij elkaar groter dan Nederland en België samen. Daar waar toeristen komen, komen geen stropers. Maar dat is maar een klein stukje. In de overige gebieden hebben stropers vrij spel ondanks alle anti-poaching projecten door de plaatselijke rangers. Ook de boeren hebben weinig op met olifanten: ze vernielen de oogst en de landerijen. En zo worden tot op vandaag per dag (!) zo’n 60 olifanten gedood in heel Afrika. Wat gebeurt er om te zorgen dat olifanten in 2025 niet alleen nog in dierentuinen bestaan?

Rol van overheid en NGO’s

Ian Stevenson staat aan de leiding van de NGO Conservation Lower Zambezi (CLZ). “Dierenbescherming in Afrika is grotendeels vrijwilligerswerk en afhankelijk van giften. De lokale overheden kunnen niet veel doen, want er is geen geld. De inkomsten van de National Parks (een toerist betaalt $50 – $100 per dag voor de toegang) vloeien lang niet alleen maar terug naar de parken. In arme landen is het geld ook nodig voor algemene voorzieningen voor de eigen bevolking. Ian Stevenson staat aan de leiding van de NGO Conservation Lower Zambezi (CLZ). Ian: “CLZ werkt goed samen met de regering. Maar het meeste geld komt via giften en vrijwilligers. Het lijkt soms een druppel op een gloeiende plaat, maar we maken vorderingen.”

 

Ian: “Ik kom zelf uit Australië en werd jaren geleden gegrepen door dit werk. Je moet zelf een olifantshuid hebben, maar het is dankbaar werk.” Ian legt uit dat het werk van CLZ uit heel veel facetten bestaat. “We ondersteunen anti-poaching teams met bv. Brandstof, vervoer, training en apparatuur. We behandelen gewonde dieren en we vangen wees-olifantjes op. Maar we onderwijzen ook de lokale gemeenschappen en zorgen dat ze meer inkomsten uit het toerisme krijgen.”

Ondersteuning van anti-poaching teams

Ian, in onvervalst Australisch: “We verzorgen logistieke ondersteuning voor de anti-poaching teams. Brandstof, transport, training, wapens, 24/7 control room, patrouille -apparatuur, communicatie, we vliegen met het patrouillevliegtuig om het gebied en het wild te bewaken en we ondersteunen de grondpatrouilles. Zo werden in februari 10 stropers opgepakt, alleen al in Lower Zambezi National Park.”

 

Ian: “Het probleem is dat het gebied groot is. Er zijn veel landingsbanen in de bush waar het ivoor in de nacht wordt weggevoerd. Daarnaast is er corruptie. De nieuwe regering in Zambia is een verbetering, maar nog altijd worden de zwarte limousines van ministers niet gecontroleerd op verboden spullen. Dus ga maar na.” Ik hoor dat het meeste ivoor verdwijnt naar China. En China is ook precies het land dat het meest investeert in de infrastructuur in Afrika. Toeval?

Behandeling van gewonde dieren en wees-olifanten

Ik ga naar het Elephant Orphanage Project van Game Rangers International. Net buiten de hoofdstad Lusaka ligt Lilayi Elephant Nursery, waar jonge olifantjes worden opgevangen. De bewakers vormen hun nieuwe ‘moeder’ en zijn 24/7 bij hen. Ze slapen dus zelfs tussen de olifanten. Behalve 3 bewakers mag niemand de olifanten van dichtbij benaderen: ze gaan na 3 jaar terug naar de bush en mogen niet aan mensen wennen. De eerste tijd bestaat de maaltijd uit 2 liter melk elke 3 uur, de klok rond. Het leven van de bewakers is zwaar al zie je dat niet.

 

 

Na 3 jaar gaan de olifantjes naar Kafue National Park Release Facility. Daar krijgen ze meer ruimte en kunnen ze aansluiting vinden bij een kudde volwassen olifanten. Het is een traject wat veel inspanning en veel geld kost. Maar elk olifantje dat gered wordt is er één. Ian: “Bij neushoorns is de remedie tegen stropen het verwijderen van de hoorn. Bij olifanten werkt dat niet. De slagtanden groeien weer aan. Het zou een complete tandtechnische operatie worden. Dat is niet haalbaar. Dus de olifantenopvang zal nog wel even blijven.”

Educatie van lokale bevolking, bescherming van de oogst

Conservation Lower Zambezi investeert veel in educatie. Ian: “Wanneer de lokale bevolking niet langer (illegaal) gebruik maakt van de natuurlijke bronnen blijft er meer ruimte voor het wild. Zo zullen olifanten minder snel de bewoonde omgeving opzoeken. We leren de bevolking ook om met bv. de teelt van chili-pepers hun oogst te beschermen: olifanten lusten dat niet. De educatie gaat nog verder: leren omgaan met wilde dieren zorgt ervoor dat mensen minder snel tot doden overgaan. We nemen kinderen mee op game-drives en op boot-safari’s. Dat is vaak de eerste keer dat ze op een positieve manier met wild in aanraking komen.”

 

CLZ bezoekt daarnaast scholen en verzorgt teacher training. “Alleen op die manier kunnen we zorgen dat natuurbehoud en duurzame ontwikkeling echt worden verankerd in de gemeenschappen. Scholen moeten deze kennis verder brengen.” Ik zie hoe de betrokkenheid er is. Het is werkelijk een gezamenlijk belang geworden van natuurbehoud, gemeenschap en toerisme. Nu nog de regering nog…

Betrekken van lokale gemeenschap bij toerisme

Ian Stevenson praat enthousiast over het werk van Conservation Lower Zambezi. “CLZ betrekt de lokale gemeenschap bij haar activiteiten en zorgt dat die gemeenschap daar ook de vruchten van plukt. Wildlife conservation mag nooit ten koste gaan van de lokale bevolking. Dan werkt het niet. We zijn een belangrijke koppeling tussen de community, toerisme en wildlife conservation. Alle lodges in Lower Zambezi NP steunen ons en zijn financieel betrokken bij ons werk. Er wordt door iedereen geïnvesteerd om flora en fauna van Lower Zambezi NP te behouden en tegelijk de lokale bevolking een leefbare situatie te garanderen met betere banen. Bijvoorbeeld als goed opgeleide safari-gidsen of als personeel in de lodges.”

 

Ik heb een dubbel gevoel na mijn bezoek aan de organisaties. De energie en wilskracht om iets te doen zijn groot. En de effecten zijn positief. Maar is het voldoende? Per dag verdwijnen 60 olifanten in heel Afrika. Dat raakt me erg. Dat zie ik niet tijdens mijn luxe safari. Daarvan hoor ik heel soms in het nieuws. Daaraan zijn de rangers en de lodges gewend. Maar ik niet. Goed dat er mensen zijn zoals Ian Stevenson. Die positief blijven en niet opgeven!

Zelf iets doen, zie:

www.ConservationLowerZambezi.org
www.GamerangersInternational.org

Meer reizen

www.Reishonger.nl

Reacties op dit artikel

Wij vernemen graag uw mening
Er zijn nog geen reacties U kunt de eerste zijn die reageert op dit artikel!

Uw gegevens zijn veilig! Uw emailadres en andere gegevens zullen niet worden gepubliceerd of gedeeld met anderen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *